
In een gewone pan kookt water bij ongeveer 100 graden, hoe hoog u het vuur ook zet. In een snelkookpan zorgt het afgesloten deksel ervoor dat er druk opbouwt, waardoor het kookpunt van water stijgt tot ongeveer 116 tot 120 graden. Bij die hogere temperatuur gaart voedsel sneller, meestal in ongeveer een derde van de tijd die een gewone pan nodig heeft.
Aardappelen en groenten voor stamppot zijn in een gewone pan na 20 tot 25 minuten gaar; in een snelkookpan is dat in ongeveer 10 minuten gepiept. Gedroogde bonen die een uur in een gewone pan nodig hebben, zijn in een snelkookpan in circa 25 minuten klaar. Voor een volledig overzicht van tijden per ingrediënt, van groenten tot peulvruchten en vlees, is de kooktijdentabel voor de snelkookpan een handig naslagwerk.
Met een snelkookpan kunt u tot wel 50 procent besparen op de energiekosten van koken, en dat komt door twee dingen tegelijk. Ten eerste staat de kookplaat door de kortere kooktijd simpelweg minder lang aan. Ten tweede is er in een snelkookpan veel minder vocht nodig, waardoor er ook minder energie gaat zitten in het opwarmen van dat vocht. Een gewone pan verliest bovendien voortdurend warmte via de damp die ontsnapt, terwijl een snelkookpan die warmte binnen de gesloten omgeving vasthoudt.
Een gewone pan op het fornuis vraagt voortdurend toezicht: te lang wegblijven kan leiden tot een pan die droogkookt of overkookt. Een snelkookpan met een goed werkende afdichtingsring en ventiel is juist berekend op korte tijden zonder direct toezicht, al blijft het verstandig in de buurt te blijven totdat de pan op druk is. Bij een elektrische snelkookpan is dat risico nog kleiner, omdat het apparaat automatisch overschakelt naar warmhouden zodra de kooktijd voorbij is, wat bij een pan op het fornuis niet vanzelf gebeurt.
Bij een gewone pan kunt u op elk moment de deksel eraf halen om te proeven, te roeren of ingrediënten toe te voegen. Bij een snelkookpan kan dat niet zolang de pan onder druk staat: u moet wachten tot het deksel veilig te openen is, zoals beschreven bij het veilig openen van een snelkookpan.
Groenten die u kort en zachtjes wilt garen, zoals broccoli of sperziebonen die nog beet moeten houden, zijn in een gewone pan eenvoudiger nauwkeurig te timen. In een snelkookpan is de marge tussen net gaar en te gaar bij snelle groenten kleiner, omdat een paar seconden extra al verschil maakt.
Kookt u gemiddeld vier keer per week een gerecht dat in een gewone pan 30 minuten kost en in een snelkookpan 10 minuten, dan scheelt dat op jaarbasis ruim 70 uur aan actieve kooktijd op de kookplaat. Reken die tijdsbesparing door naar energieverbruik en de besparing op de energierekening loopt, afhankelijk van uw tarief en type kookplaat, al snel op tot tientallen euro's per jaar alleen al voor gerechten die zich lenen voor de snelkookpan. Voor huishoudens die vaker stoofgerechten, bonen of soep op het menu hebben, is die besparing groter dan bij wie vooral snelle, korte bereidingen zoals een omelet maakt, waar een gewone pan sowieso al snel klaar is.
Bij gerechten die van zichzelf al kort op het vuur staan, zoals een gebakken ei, een roerbakgerecht of pasta, levert een snelkookpan nauwelijks tijdwinst op en is een gewone pan de logischere keuze. De grootste winst ontstaat juist bij gerechten die normaal lang moeten sudderen: bonen, linzen, bouillon, stoofvlees en harde groenten zoals bieten. Weet u niet zeker of een gerecht baat heeft bij de snelkookpan, vergelijk dan de normale bereidingstijd met de tijden uit de kooktijdentabel; is het verschil klein, dan is overstappen op de snelkookpan vaak niet de moeite waard.
Doordat voedsel in een snelkookpan minder lang aan hitte en aan uitlogend water wordt blootgesteld, blijven er over het algemeen meer vitaminen en meer smaak behouden dan bij langdurig koken in een open pan. Dat is vooral merkbaar bij groenten en peulvruchten, waar een groot deel van de voedingsstoffen normaal in het kookwater verdwijnt.